Algemeen

Algemeen

De retailsector: een blijvende sterkhouder van de Belgische economie!

Ondanks de recente economische crisisperiode en het negatieve imago, vormt de retail een belangrijke steunpilaar voor de Belgische economie. Naast een hernieuwd aanwervingsbeleid investeren ook steeds meer distributiebedrijven in hun HR-beleid.

Na de crisis: het aantal aanwervingen stijgt exponentieel

De distributiesector is op een overtuigende manier uit het economische dal gekropen. Waar men vorig jaar nog vreesde voor een stagnatie van de tewerkstelling, geven de cijfers nu een heel ander beeld. Zo blijkt uit de recente gegevens van de VDAB dat de groot- en kleinhandel met stip bij de best scorende sectoren behoren. In vergelijking met dezelfde periode vorig jaar ontving de VDAB nu liefst 49,7% vacatures meer!

 

Het belang van de retailsector voor de zich herstellende Belgische economie is dus heel groot. Dat blijkt trouwens ook als we een blik werpen op de aard van die vacatures.

Retail: een belangrijke werkgever voor laaggeschoolden

Zo vormt de retailsector een belangrijke bron van werkgelegenheid voor laaggeschoolden. Uit het rapport van de VDAB blijkt duidelijk dat de vraag naar laaggeschoolde werknemers is toegenomen (+29%) en zelfs die van de hoger geschoolde werknemers overtreft (+25,4%). 

 

Deze cijfers zijn uiteraard niet verrassend. De distributiesector vormt traditioneel een sterke aantrekkingspool voor laaggeschoolde werknemers. Hetzelfde geldt trouwens voor allochtone medewerkers en jongeren. Uit een studie van HR-dienstverlener SD Worx blijkt alleszins dat deze werknemerscategorieën veel sneller een baan vinden in de retail.

 

Toch lijkt de vraag het aanbod te gaan overtreffen en leeft binnen de sector een sterke vrees om geschikt personeel te blijven vinden. Dat blijkt alvast uit een recente conjunctuurenquête van Comeos, de federatie van de distributie, waar op de vraag: ‘Wat ziet u als de grootste bedreiging in de sector?’ bovenstaande problematiek als tweede antwoord uit de bus kwam.

Het belang van een degelijk HR-beleid

Een van de oorzaken voor dit dreigend personeelstekort, ligt deels binnen de sector zelf. De retail kampt met een negatief imago. Zo lag de sector onlangs nog onder vuur in de pers, toen er berichten opdoken over werknemers die zouden worden uitgebuit. Ook zou er onvoldoende aandacht zijn voor een deugdelijk personeelsbeleid.

 

De stelling over het uitgebuite personeel gaat hierbij te kort door de bocht. We verwezen immers al eerder naar het feit dat binnen de retail veel laaggeschoolden en allochtone werknemers aan de slag zijn. De sector biedt dus juist kansen aan de meer kwetsbare segmenten van werknemers dan ze te onderdrukken.

 

Toch erkent de sector dat er nog heel wat uitdagingen liggen te wachten op het vlak van HR.

Dat groeiende besef, in combinatie met de blijvende zoektocht naar geschikt personeel, zet veel ondernemingen dan ook aan tot concrete actie. Cijfers van SD Worx tonen aan dat steeds meer distributiebedrijven investeren in hun HR-beleid. Het aantal trajecten dat SD Worx hiervoor met zijn klanten uitwerkt, zit al een tijdje in stijgende lijn.

 

Deze gunstige evolutie blijft overigens niet onopgemerkt. Ook Comeos ziet het belang van HR in. Zo wijdt de federatie van de distributie de Mercuriusprijs dit jaar aan de onderneming met het meest vooruitstrevende personeelsbeleid.

 


Over de auteur: Peter Van Ostaeyen is Manager Payroll bij SD Worx. Vanuit zijn functie als Retail Business Partner ondersteunt hij enkele grote bedrijven uit de retailsector met hun personeelsadministratie en HR-beleid.

» Lees verder

Mosseleffect kost consument wekelijks handenvol geld

Algemeen

Mosseleffect kost consument wekelijks handenvol geld

Een gemiddeld gezin zag in de loop van 2010 zijn uitgaven met 21,21 euro stijgen naar 594,47 euro per week (2576 euro per maand). Het leven werd vorig jaar voor Jan met de pet dus 3,39 procent duurder. Zo rekende het OIVO uit. De verbruikersorganisatie koppelt er ook enkele scherpe verwijten aan het adres van producenten, retailers en overheid aan.


Energieprijs swingt de pan uit

Het Onderzoeks- en Informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties OIVO wijt deze stijging aan een stijging van de prijzen van energie, elektriciteit, gas en stookolie, veroorzaakt door de duurdere olie. Daarnaast is in deze strenge winter ook het verbruik zelf aanzienlijk toegenomen. Meer verbruik plus duurdere energie betekent natuurlijk een veel hogere rekening.


OIVO wijst daarnaast ook op het gevaar van een ondoorzichtige markt en ondoorzichtige tarieven, waardoor een prijsstijging makkelijker verdoken kan blijven. Ook het verschil in wisselkoers tussen dollar en euro beïnvloedde de energieprijs nadelig voor Europese gezinnen.


Dure mosselen

Daarnaast is er het zogenaamde "mosseleffect" dat de levensduurte verhoogt. "Wanneer de prijs van de mosselen stijgt in Zeeland, stijgt de prijs in het restaurant. Maar wanneer de prijs in Zeeland daalt, daalt de prijs in het restaurant niet. In feite steekt de tussenpersoon - de restauranthouder in dit geval - de verworven winst gewoon op zak", aldus OIVO.


Een ander voordeel voor de producenten is dat ze op deze manier hun prijzen bij volgende stijgingen van de grondstofprijzen niet per se hun winkelprijs hoeven te verhogen, waardoor het zelfs lijkt alsof de producent goedkoper wordt.


Het mosseleffect wordt overigens nog versterkt door het "vermenigvuldigingseffect": het verschijnsel dat bedrijven een vaste verhouding hanteren tussen inkoopprijs en verkoopprijs. Een restauranthouder die als stelregel heeft dat de menuprijs drie keer hoger ligt dan de prijs die hij zelf voor de ingrediënten betaalde, zal dus een drievoud van de prijsstijging daarvan (blijven) doorrekenen.

 

Consumenten meer beschermen

Om deze problemen tegen te gaan, pleit het OIVO voor een betere bescherming van consumenten. Zo moet volgens hen de overheid meer invloed krijgen in de verkoopsprijs (van bijvoorbeeld medicijnen, het beroemde kiwi-model), maar moet die ook het goede voorbeeld geven door de automatische indexatie van overheidsprestaties te verminderen.


Ook roept de organisatie nogmaals op om de quasi-monopolies in bepaalde sectoren (energie, telefonie) te doorbreken en klachten bij de Raad van Mededinging sneller te behandelen.

» Lees verder

Loonkost en grondstofprijzen beknotten groei retail.

Algemeen

Loonkost en grondstofprijzen beknotten groei retail.

Retailers willen groeien, maar worden geremd door externe factoren. De grondstofprijzen die zo langzamerhand bijna recordhoogtes bereiken en de hoge loonkosten weerhouden hen ervan opnieuw een hoge vlucht te nemen na de moeilijke economische tijden.


Nochtans hebben de Belgische handelaars zich goed in stand weten te houden, volgens de conjunctuurenquête van Comeos. Hoewel de rendabiliteit onder druk stond en ook in 2010 nog angstaanjagend veel faillissementen werden opgetekend, zag men een positieve groei in de gepresteerde omzetten.


Meer werken voor minder.

Hogere omzet betekent niet noodzakelijkerwijs meer opbrengsten. De Belgische retailers hebben die waarheid het afgelopen jaar pijnlijk aan den lijve moeten ondervinden. Er werd ernstig aan de al kleine marges van de handelaars geknabbeld. “We stellen vast dat handelaars meer moeite moeten doen om op het einde van de dag minder te verdienen”, zegt Dominique Michel, Gedelegeerd bestuurder van Comeos.


Zo steeg de omzet in de modesector in 2010 met 6,4%. De rendabiliteit van diezelfde sector daalde daarentegen met bijna 30%. Andere groeiers waren de IT-sector (+ 7.9%) en e-commerce. Die laatste zag zijn omzet liefst 26,5% toenemen gedurende 2011.


Retail wil wel investeren, maar kan niet.

De tegenstrijdigheid tussen omzetgroei enerzijds en dalende winsten anderzijds heeft uiteraard ook zijn weerslag op de vooruitzichten voor 2011 in de retail. Volgens het onderzoek van Comeos denkt een kwart van de handelaars dit jaar te kunnen investeren. Ze willen innovaties doorvoeren en hun productiviteit verhogen.


Helaas is er een grote ‘maar’. Slechts eveneens een kwart van de handelaars gelooft dat de rendabiliteit zal verbeteren. Vanzelfsprekend beperkt dit de perspectieven van de bedrijven. Comeos legt uit waar het schoentje knelt aan de hand van het voorbeeld van de voedingssector.


“In de voedingssector werkt de handelaar met een winstmarge tussen de twee en de vier procent. Bijna drie kwart van de opbrengsten gaat naar de leveranciers, 14 procent is loonkost, 9 procent zijn kosten verbonden aan energie, transport en informatica. Op het einde van de dag houdt de handelaar in de voedingssector van iedere euro die in de kassa zit, dus gemiddeld drie cent over”, rekent Dominique Michel van Comeos uit.


“Twee cent gaat naar investeringen, de allerlaatste cent is de winst. Indien de grondstofprijs door de leveranciers rechtstreeks aan de handel wordt doorgerekend – en we vangen signalen op dat dat inderdaad zo zal zijn – zal de handelaar verplicht zijn die meerkost te recupereren. Door de marges nog te verkleinen, door de personeelskosten terug te dringen,…”


Loonkost grootste bedreiging.

Comeos ziet in de evolutie van de loonkost de grootste bedreiging voor de handel in 2011. In de handel is een indexering van 1% stijging op de totale loonkost, volgens de industrieorganisatie, vaak al een halvering van de marge. De tweede grootste bedreiging is het aantrekken van geschikt personeel. Pas op de derde plaats volgen de prijsevoluties van de grondstoffen en de energie.

» Lees verder

Kinepolis draait meer inkomsten met minder bezoekers.

Algemeen

Kinepolis draait meer inkomsten met minder bezoekers.

Kinepolis heeft een mooi 2010 achter de rug, zo maakte de filmreus vanmorgen bekend. Gedreven door de storm rond Avatar, de grootste box-officehit in de filmgeschiedenis, steeg de winst met 26% tot 27,85 miljoen euro. Door duurdere ticketprijzen stegen ook de inkomsten, ondanks een dalend aantal toeschouwers.


Deze winststijging leidde ook tot een fikse afname van de schuld: die zakte met bijna 30 miljoen euro tot net onder de grens van 80 miljoen (bruto). Het eigen vermogen verdubbelde tot 48% van het balanstotaal, waardoor een verdere optimalisatie van de kapitaalstructuur mogelijk wordt.

Avatar versus het WK voetbal.

Het feit dat Avatar in 3D werd vertoond en een ticket voor een 3D-film (veel) duurder is, zorgde ervoor dat de licht gedaalde toeschouwersaantallen (-3%) toch leidden tot een stijging van de inkomsten uit ticketverkoop met meer dan 4 percent. De "box office" is nog steeds goed voor zowat 60 percent van de totale inkomsten van de Kinepolisgroep.


Een deel van de daling van de toeschouwersaantallen komt door een minder jaar in Spanje, waar het WK voetbal en een gebrek aan Spaanse filmtoppers een flink deel van de bioscoopbezoekers deed thuisblijven. In 2011 is er uiteraard geen WK, maar het is nog koffiedik kijken hoe de toeschouwersaantallen zullen evolueren.


Grote 3D-titels als Tron: Legacy, Pirates of the Caribbean 4, Harry Potter 7 part 2 en de Kuifje-film van Steven Spielberg doen het beste verhopen en ook van films als Rundskop (voor de Nederlandstalige markt), Rien à declarer (voor de Franstalige) en Torrente 4 (voor de Spaanstalige) wordt heel veel verwacht. Het is echter maar zeer de vraag of zij in de leemte na Avatar, die vorig jaar alle bezoekersrecords verpulverde, kunnen opvullen.


Verdwijnt Kinepolis weldra van de Heizel?

Naast de "gewone" ticketverkoop, die nog steeds voor het leeuwendeel van de inkomsten zorgt, haalt Kinepolis steeds meer inkomsten uit onder andere in-theater sales (de verkoop van snoep en drank in de cinema, goed voor 21% van de omzet), uit live vertoningen van opera en uit vastgoed. Voor deze laatste post realiseerde Kinepolis een meerwaarde van 2,3 miljoen euro door de ontwikkeling van de site in Gent.

 
Ook business events zijn een wezenlijk deel van de inkomsten geworden, al is niet iedereen daar even tevreden mee. Kinepolis loopt zelfs het risico om zijn concessie op de Heizel, die nog loopt tot 2025, te verliezen. Eigenaar TPB (TentoonstellingsPark van Brussel) noemt de Kinepolisgroep "niet loyaal" en heeft de bioscoopketen gedagvaard omwille van zijn commerciële evenementen, die ongeoorloofde concurrentie zouden zijn voor de eigen evenementen van TPB.


Kinepolis pleit echter onschuldig, noemt zulke commerciële activiteiten een volwaardig deel van een modern bioscoopcomplex en wijst er fijntjes op dat er daarover in de concessieovereenkomst niets staat.

» Lees verder

Meer aandacht voor personeelstraining binnen retail.

Algemeen

Meer aandacht voor personeelstraining binnen retail.

Retailorganisaties besteden steeds meer aandacht aan de opleiding van hun winkelpersoneel, zo meldt RetailTrends. Hoewel personeelstraining in de retailwereld nog vaak weinig in de openbaarheid komt, zien retailers blijkbaar tegenwoordig wel het belang ervan in. Winkelmedewerkers die opleiding hebben genoten zijn niet alleen bekwamer, ze dragen over het algemeen ook sterker het merk uit en zijn gemotiveerder.

 

Ze zorgen voor een zo groot mogelijk aanbod aan landelijk erkende opleidingen en ontwikkelen daarnaast ook eigen trainingen. Dat laatste gebeurt vaak in opleidingscentra die de merknaam dragen, zodat het personeel nog meer het gevoel krijgt dat de directie hun trainingen echt belangrijk vindt. Bovendien helpt het ook het winkelpersoneel onder te dompelen in het merk.

 

Daaraan gekoppeld is de opmars van zogenaamde "Learning management"-systemen, waardoor managers en hr-medewerkers een handig overzicht krijgen van wie welke opleiding volgt. Zulke systemen maken het ook veel gemakkelijker om medewerkers thuis te laten studeren via e-learning, zodat indien gewenst grote groepen snel, makkelijk en overzichtelijk een opleiding of training kunnen genieten.

 

Praktijkgerichte opleidingen zijn volgens de studie van Retailtrends logischerwijze het meest succesvol. Een hands-on approach geniet niet alleen de voorkeur van de medewerkers, het leidt eveneens tot betere resultaten. Steeds meer werknemers vinden opleiding bovendien zelf verrijkend en gunstig voor hun motivatie op de werkvloer.

» Lees verder

De beste merken in sociale media.

Algemeen

De beste merken in sociale media.

Webretailer eBay behaalt de beste punten als het op sociale media-visibiliteit aankomt. Giganten Apple, Google, Blackberry en Amazon moeten volgens een studie van Alterian allen het onderspit delven van eBay als het op “buzz” via sociale media aankomt. Het online marketingbedrijf maakte een revelerende infographic over de grootste brands en hun sociale media-populariteit.


Gebaseerd op de ‘Social Media Reputation (SMR)’ testschaal van Yomego, werd de score van merken gemeten op het vlak van ‘noise’. Hoeveel het gonst over een merk, zeg maar. Ook werd nagegaan of die buzz positief of negatief is en hoe recent consumenten over het merk spraken.


eBay beste van de klas.

Het is frappant, doch niet bijster verrassend, dat de top vijf meest succesvolle merken in sociale media uit ofwel online retailers ofwel technologiebedrijven bestaat. eBay blijkt echter de onbetwiste leider. Dat zou deels te danken zijn aan een first-mover advantage van de verkoopsite. Reeds heel vroeg was eBay actief op fora, blogs en sociale netwerken als Twitter en Facebook.


Apple werd door Alterian verbannen naar de tweede plaats, omdat de onderzoekers tot hun grote schok moesten vaststellen dat de computerfabrikant zelfs geen officiële Facebook-pagina heeft. Hoewel het bedrijf zonder twijfel de grootste ‘buzz’ weet te creëren, negeert het zo een aantal geijkte kanalen om met klanten te converseren.


Nr. 1 ter wereld gebuisd.

Coca-Cola, één van de – als niet meest – bekende merken ter wereld, haalt op deze lijst slechts de 24e plaats. Volgens de onderzoekers is Coca-Cola het levende bewijs dat enkel aanwezigheid op de sociale netwerken onvoldoende is. De frisdrankreus slaagt er namelijk niet in een geëngageerde conversatie met zijn klanten uit te bouwen.


Interessant zijn ook de significante verschillen binnen eenzelfde sector. Luxemerk Gucci wist bijvoorbeeld op te klimmen tot de zesde plaats in de top 50. Collega Louis Vuitton lijkt daarentegen veel minder goed om te springen met de nieuwe media en bengelt helemaal achteraan in de staart. Zelfs Zara, dat nochtans erg actief is in de online retail, blijft steken op een 40e plaats.


Roemrijke voorbeelden.

Zoals steeds, is het echter raadzaam om dergelijke onderzoeken met een kritische geest te verwelkomen. Er zijn doorgaans evenveel lijstjes als er verschillende resultaten bestaan.

 

Een belangrijke kanttekening is ook dat de studie zich geen enkele vraag stelt over het effect op de bottom line van die reputatie op sociale media. Niettemin is het boeiend om de sociale media-inspanningen van ’s werelds meest toonaangevende merken te bekijken en er lessen uit te trekken.

» Lees verder

Mobiel shoppen in feiten.

Algemeen

Mobiel shoppen in feiten.

Smartphones worden het kanaal bij uitstek om het proces van aankoop te starten. Meer en meer oriënteren consumenten zich mobiel. Ze zoeken informatie en vergelijken zowel van thuis uit als in de winkel zelf. Het gebruik van mobiele telefoons voor shopping-doeleinden maakt een pijlsnelle opmars. Aan de retailers om daar met het dezelfde dynamisme op in te spelen.

 

U hoeft ons echter niet op ons woord te geloven. Een aantal revelerende data van Foresee, Scanlife, Yahoo and Motorola werd door Momads bijeengebracht in een indrukwekkende infographic. Het toont hoe consumenten in Europa gebruik maken van hun smartphone.

Mobiel oriënteren.

In 2009 gebruikten reeds 23% van de trotse eigenaars van een smartphone hun mobieltje om naar de website van een retailer te surfen. Anno 2010 waren dat er evenwel al 32%. Ondertussen gebruiken consumenten hun gsm echter dubbel zo vaak om op onderzoek uit te gaan naar producten, met name van 14% naar 30%.

 

Als ze dan op zoek zijn naar producten, letten ze vooral op prijsinformatie (in 47% van de gevallen), verschillen tussen soortgelijke producten (33%) en in laatste instantie heel specifiek naar de eigenschappen en kenmerken van het product (20%).

Naar de mobiele kassa lokken.

Enkel bij de eigenlijke aankoop zijn smartphone-consumenten nog terughoudend. In 2009 kocht slechts 2% aan via zijn telefoon, terwijl dat in 2010 8% was. Er is dus nog veel potentieel tot het verbeteren van de mobiele conversie. Het zal vooral aan de retailers zijn om manieren te vinden om consumenten over de streep te trekken. Op dit moment wordt het ijzer nog niet voldoende gesmeed terwijl het heet is.

Ook op de winkelvloer.

Mobiel shoppen gebeurt echter niet in een soort afgesloten wereld buiten ruimte en tijd, ze doen het ook terwijl ze in hoogsteigen persoon in uw winkel staan. Gevraagd waarvoor klanten hun gsm in een winkel gebruiken, reageert reeds 38% dat ze er informatie zoeken over een product waar ze met hun neus op staan te kijken. Liefst 15% scant bovendien barcodes in van koopwaar, iets wat meer dan een jaar geleden nog onbestaande was.

Weer een nieuwe uitdaging.

Uiteraard vormen die gegevens een uitdaging voor het retaillandschap. Een uitdaging waarvoor men niet over één nacht ijs mag gaan en die niet zonder slag of stoot komt. 87% van de retailers erkent volgens Momads dat shoppers dankzij het mobiele internet gemakkelijk een betere deal vinden. 55% geeft zelfs grif toe dat consumenten beter geïnformeerd zijn dan het eigen winkelpersoneel. Gelukkig zijn steeds meer retailers zich bewust van de evolutie.
 

» Lees verder

Een nieuwe Studio100 shop bij Fun.

Algemeen

Een nieuwe Studio100 shop bij Fun.

Deze maand kreeg Fun in de vestigingen in Oudenaarde en Sint-Denijs-Westrem een volledige nieuwe Studio100 shop-in-shop. Het Studio100 merchandising assortiment wordt er op een inspirerende en overzichtelijke manier aangeboden. De Studio100 shop bij Fun bestaat al enkele jaren. Recent besloot Studio100 in samenwerking met Fun de corner te vernieuwen.

 

Studio100 deed een beroep op het retail design agentschap, Mojo, om de shop attractiever en tegelijk functioneler te maken voor shoppende
ouders met jonge kinderen. Het werd een herkenbaar en inspirerend wit-oranje-geel universum dat de emotionele connectie met kinderen versterkt; het geheel wordt ingepakt door een verlichte, oranje luifel.


Binnen dit universum wordt het kleurrijke productassortiment duidelijk zichtbaar tegen de rustige, witte achtergrond van het meubilair. De naar Studio100-verwijzende oranje en gele accenten maken het geheel speels en aantrekkelijk.


De opvallende voorzijde van de shop zorgt voor een belangrijke afstandsattractie en goede zichtbaarheid vanuit alle ooghoeken. De aanwezigheid van de belangrijkste Studio100 figuren boven de ingang alsook aan de zijkant zorgen voor een belangrijke zuigkracht voor kleine en grotere kinderen.


Eenmaal in de shop leidt een intuïtieve routing hen rond de verschillende Studio100 figuren; elke figuur heeft zijn of haar eigen witte kast, waarin zijn of haar merchandising wordt gepresenteerd. Tussen de kasten vinden we oranje zuilen met flexibele seizoenscommunicatie; centraal in de achterwand is een TV-kast waarin de bij-de-filmhorende merchandising producten worden gepresenteerd. In het midden van de shop vinden we tenslotte een knuffelboom en aangepast dvd- en boekenmeubilair.


Het is de bedoeling het nieuwe design concept, na een testfase van de piloot corners in Oudenaarde en Sint-Denijs-Westrem, uit te rollen naar de 24 (van de 30) Fun-vestigingen met een Studio100 shop-in-shop. De oppervlakte van deze corners variëert van 25 tot 70 m².

» Lees verder

Smartphone betaalmiddel van de toekomst.

Algemeen

Smartphone betaalmiddel van de toekomst.

Smartphones als betaalterminal worden steeds meer realiteit. Apple zou zijn nieuwste spruiten al van de technologie voorzien en ook Google is ermee bezig. In België neemt Ogone het voortouw. Het zal niettemin nog minimum een drietal jaar duren vooraleer iedereen betaalt met zijn gsm.

 

Mobiele portefeuille.

Een mobiele telefoon zal inderdaad binnenkort een portefeuille vervangen. Smartphones zullen dienen als kredietkaart, debetkaart of zelfs cash. NFC, ‘near field communication’ voor de liefhebbers, is de technologie bij uitstek die het mogelijk maakt om van smartphones betaalterminals te maken.


De geruchtenmolen verspreidt enthousiast het bericht dat Apple zijn nieuwste generatie iPhones en iPads met NFC zal uitrusten. Android-toestellen bevatten eveneens reeds frequent de functie.

 

Op Belgisch grondgebied komt Ogone, het meest gebruikte betaalplatform in de e-commerce, op de markt met een gratis applicatie voor iPhone en iPad. Retailers zouden de applicatie op de smartphone moeten laden, waarna kopers hun kredietkaartgegevens kunnen invullen.

 

Integratie online en offline.

Het is die integratie tussen online en offline retail die mobiele betaling zo interessant maakt. Naast een systeem voor mobile commerce op zich, zijn ook mobiele betalingen met online incasso een mogelijkheid. Hiermee zouden straatverkopers, taxichauffeurs, pizzaboeren enzovoorts, zonder cash kunnen worden betaald.


UNIZO en Comeos zijn alvast opgetogen over de ontwikkelingen, al waarschuwen ze dat de retailers niet voor eventuele meerkosten mogen opdraaien en dat het Bancontact-systeem dient te worden bewaard.

» Lees verder

Warenhuizen John Lewis steken de plas over.

Algemeen

Warenhuizen John Lewis steken de plas over.

De Britse warenhuisgroep John Lewis komt naar het Europese vasteland. In eerste instantie zal men vanuit 25 Europese landen online kunnen bestellen in de Britse webshop van het bedrijf. Naargelang het lokale succes daarvan zal John Lewis fysieke warenhuizen openen in grote Europese steden.

Aftasten met webshop.

Slimme jongens, die Britten! Om heelhuids de plas over te steken, heeft The John Lewis Partnership het pientere idee opgevat internet het verkennerwerk te laten opknappen. Door de webshop internationaal toegankelijk te maken, zien ze waar vraag is. Aan de hand van die data gaan ze vervolgens op zoek naar geschikte winkellocaties. De webshop-strategie heeft een lage investeringskost, er is weinig mee te verliezen en het is marktonderzoek waar ze zelfs iets aan verdienen.


Concurrenten evenwel nog niet gevreesd: de opening van heuse warenhuizen op het Europese vasteland zal niet vroeger dan 2012 plaatsvinden. Vanaf juni aanstaande is de Britse John Lewis webshop internationaal beschikbaar. Gedurende de volgende 18 maanden zal worden gewerkt aan een Europese webshop met eigen klantendienst en marketing. Voor die tijd zal men er geen grote huishoudapparaten of grote meubels kunnen bestellen.

John Lewis.

Warenhuisketen John Lewis is in Groot-Brittannië één van de oudst bekende warenhuisketens. In 1864 opende het zijn vlaggenschip in Londen. Tot op vandaag heeft de keten iets van zijn coöperatieve karakter behouden door vaste werknemers onmiddellijk partner van The John Lewis Partnership te maken.

Niettemin is John Lewis een van de weinige warenhuizen die de tand des tijds glansrijk heeft doorstaan. In de kersperiode boekte John Leiws een recordomzet van 545 miljoen pond in vijf weken tijd.

 

De keten richt zich op het hoge segment, hoewel het tegelijkertijd een beroemd geworden lage prijs-beleid heeft. Onder het motto "Never consciously undersold" mogen consumenten lagere prijzen van concurrenten melden, waarna de prijs op nationaal niveau wordt aangepast.

Ook Waitrose steekt plas over.

Waitrose, de kruidenierspoot van The John Lewis Partnership, heeft eveneens internationale expansieplannen. Prioritair zouden daar echter de Verenigde Staten, Canada en het Midden-Oosten zijn. Waitrose hoopt in de komende vijf jaar ten minste 25 winkels te opereren in het Midden-Oosten. Die expertise zou worden gebruikt voor een verdere wereldwijde expansie.

» Lees verder